Compassietraining

Compassie (of: mededogen) is het vermogen om ons betrokken te voelen bij pijn en lijden, zowel dat van onszelf als dat van anderen. Het gaat samen met de wens deze pijn en dit lijden te verlichten en bereidheid om daarin verantwoordelijkheid te nemen.
Het is een algemeen menselijke eigenschap, die bij ieder in aanleg aanwezig is, maar die vaak om allerlei redenen niet tot bloei gekomen is. Het is ons natuurlijke vermogen om een bewuste vriendelijke relatie met onszelf en anderen te ontwikkelen. Het gaat samen met ons verlangen dat we gelukkig willen zijn en dat anderen gelukkig zijn.
Gelukkig kan compassie door beoefening wel ontwikkeld en verdiept worden en dat is het doel van compassietraining.

Medelijden gaat vooral gepaard met angst en sentimentaliteit,  compassie vraagt om moed en ruimhartigheid. Beoefening van zelfcompassie is niet egocentrisch maar zorgt juist voor een gezonde relatie met onszelf en juist ook voor een grotere openheid en mededogen naar anderen toe.

We zijn als mens steeds zelf-bewuster/ meer bewust van onszelf geworden in de loop van de evolutie. Het is immers belangrijk om ons een beeld te vormen hoe anderen over ons denken, zodat we ons zo gedragen dat zij ons accepteren. We zijn immers afhankelijk van hun vriendschap en zorg. Stellen we ons voor dat anderen een ongunstig beeld van ons hebben dan voelen we ons bedreigd. Doen we dat onnodig vaak dan wordt telkens ons alarmsysteem geactiveerd. Dit kan zich uiten in onnodige agressie naar anderen, maar ook naar onszelf: we gaan vechten tegen de delen van onszelf die we onacceptabel vinden. Ook kan het leiden tot onnodig vluchtgedrag: we vluchten voor anderen, die we als dreigend ervaren, door ons terug te trekken; of we vluchten voor delen in onszelf, die we als bedreigend ervaren, bijvoorbeeld door pijnlijke emoties te vermijden. Om de afkeuring van anderen voor te zijn ontwikkelen we vaak een innerlijke pestkop die ons steeds bekritiseert en naar beneden haalt.

Het is niet onze fout dat we zo in elkaar zitten, ons brein is nu eenmaal zo ontworpen dat het gericht is op zelfbescherming en alert is op alle mogelijke tekenen van gevaar.
Net zoals het belangrijk is dat we als kind gekalmeerd worden door een zorgzame ouder, wanneer we overstuur zijn, zo is het ook belangrijk dat we onszelf kunnen kalmeren wanneer we ons van binnenuit bedreigd voelen. We hebben dan geen innerlijke pestkop maar een innerlijke helper nodig, geen zelfkritiek maar zelfcompassie. Het is letterlijk van levensbelang dat we ons vermogen tot compassie ontwikkelen, verdiepen en versterken. Wanneer we dit vermogen verwaarlozen, zijn we als geen andere diersoort in staat om ons mateloos wreed en destructief te gedragen, naar anderen en naar onszelf. Wanneer we dit vermogen cultiveren, kunnen we ook als geen andere soort belangeloze liefde en grenzeloos mededogen laten opbloeien.

De focus ligt niet op specifieke vormen van lijden, maar op onze relatie met het lijden zoals het zich aandient in ons bestaan – in welke vorm ook. Compassie training, ook wel Mindfulness Based Compassionate Living, MBCL genoemd, is geen vervanging van werkzame behandelmethoden voor specifieke aandoeningen, maar kan een aanvulling daarop zijn. Compassiebeoefening kan ons helpen om in een gegeven situatie met wijsheid te kiezen voor methoden met zoveel mogelijk heilzame en zo min mogelijk schadelijke effecten.

Wellicht is alles wat er aan verschrikking leeft 
in diepste wezen
wel niets anders
 dan iets wat onze liefde nodig heeft.

– Rainer Maria Rilke –

Het programma is gebaseerd op een wetenschappelijk verantwoorde toepassing van de beoefening van (zelf)compassie in de gezondheidszorg. De training is geïnspireerd op het werk van Erik van den Brink en Frits Koster (zie: www.compassietraining.nl) die zich onder meer hebben laten inspireren door het werk van Paul Gilbert, Christopher Germer, Kristin Neff, Tara Brach en Rick Hanson.

Het programma bestaat uit 8 sessies van 2 ½ uur die wekelijks of met langere tussenpozen gegeven kunnen worden. Tussen de 6e en de 7e sessie wordt een extra stiltebijeenkomst (of stiltedag) aangeboden om het oefenen te verdiepen. De training vraagt van deelnemers dat zij thuis een ¾ – 1 uur per dag vrijmaken voor het doen van oefeningen. Er wordt thuis gewerkt met een werkboek en audio-materiaal. De structuur lijkt daarmee op een basis mindfulness training.
De training omvat aandachtoefeningen, begeleide meditaties, ruimte voor het uitwisselen van ervaringen en zelfonderzoek. Bij de training hoort een werkboek (inclusief).
Anders dan bij Mindfulness training (MBSR/MBCT) is hier meer keuzemogelijkheid welke oefeningen verdiept worden. We spreken van oefensuggesties om het belang te benadrukken van het compassievol kiezen voor die oefeningen die aansluiten bij de fase en het leerproces waarin de deelnemer zich bevindt.
Naast het verder trainen van mindfulness komt onder meer het volgende aan bod:
Het erkennen van pijn en lijden en hoe ons brein en organisme is geëvolueerd om ons te helpen overleven.

Inzicht in de drie basale emotieregulatie systemen: het gevaarsysteem, gericht op zelfbescherming; het jaagsysteem, gericht op bevrediging en beloning; en het zorg- en kalmering systeem, gericht op geborgenheid, tevredenheid en verbondenheid.
Hoe de drie systemen uit balans kunnen raken door invloeden van buitenaf, maar ook van binnenuit, bijvoorbeeld door schaamte, zelfkritiek en een innerlijke pestkop.
Besef van onze gedeelde menselijke conditie (common humanity) en dat waar we niet voor gekozen hebben, is niet onze fout.
Hoe mentale voorstellingen de emotieregulatie systemen kunnen beïnvloeden en compassiebeoefening de balans kan helpen herstellen door ons zorg- en kalmeringsysteem te versterken en een innerlijke helper te voeden.
Oefeningen in compassievol motiveren, aandacht geven, voelen, denken en redeneren, visualiseren, spreken en handelen.
Oefeningen die ons helpen ontdekken wat bijdraagt aan geluk, vreugde en dankbaarheid.
Aandacht voor Vier Levensvrienden die ons kunnen bijstaan, afhankelijk van waar een gegeven situatie om vraagt: liefdevolle vriendelijkheid, mededogen, medevreugde en gelijkmoedigheid.

Een groep bestaat uit maximaal acht deelnemers. Desgewenst is er de mogelijkheid van een individueel (telefonisch) voor- en nagesprek.